Over Jacob
Astrologie, weer, uurwerken, water en schilderen lijken verschillende werelden. In Jacobs leven zijn het eerder opeenvolgende manieren om dezelfde nieuwsgierigheid vorm te geven.
Jacob Venker
Jacob Venker wordt door vrienden en bekenden ook Jaap genoemd. Hij werd in 1949 in Haarlem geboren, groeide op in Overveen en Heemstede en woont sinds 1979, op een korte onderbreking na, in Sint Anthonis in Noord-Brabant.
Hij komt uit een technisch georiënteerde familie en ontwikkelde vroeg belangstelling voor astronomie, weer en meteorologie. Zelf noemt hij zich in oudere teksten ontwerper, publicist en uitvinder.
Wat hem typeert is de combinatie van meten en verwonderen: eerst zien, vergelijken en proberen te begrijpen, maar tegelijk ruimte laten voor vragen die zich niet eenvoudig laten vastleggen.
Levensloop
1949–1972. Geboren in Haarlem, jeugd in Overveen en Heemstede, verblijf in Evansville in de Verenigde Staten, militaire dienst en later studie in Arlesheim bij Basel.
Jaren zeventig. Via psychologie raakt Jacob intensief geïnteresseerd in astrologie. In 1973 ontstaat het ontwerp voor de Astrowatch.
Jaren tachtig. De bewegingen van planeten brengen hem bij vragen over het weer. Vanaf het begin van de jaren tachtig verzamelt hij weergegevens; in 1984 introduceert hij De Weerwijzer.
Vanaf 1988. Een regenmeter gericht op waterbesparing en later de Getijklok volgen. Begin jaren negentig besluit hij de getijdenuurwerken uiteindelijk zelf te gaan bouwen.
Later. Schilderen en tekenen nemen een steeds belangrijkere plaats in. In Nagenoeg kijkt Jacob terug op vier vondsten en op een leven waarin nieuwsgierigheid nooit helemaal tot stilstand kwam.
Van astrologie naar uitvinden
Jacob leerde astrologie in een tijd waarin planeetstanden nog met efemeriden en veel rekenwerk werden bepaald. Door dat voortdurend te doen raakte hij vertrouwd met de bewegingen van zon, maan en planeten.
Daaruit ontstond een praktische vraag: zou zo'n hemelbeeld niet in een horloge zichtbaar gemaakt kunnen worden? Het antwoord werd de Astrowatch.
Die werkwijze keert later terug. Een vraag wordt eerst langdurig bekeken, vervolgens gemeten of berekend en eindigt soms in een tastbaar instrument: De Weerwijzer, de regenmeter en de Getijklok.
Van uitvinden naar schilderen
De vier uitvindingen hebben allemaal een praktisch of verklarend element. Ze ordenen beweging, tijd, regen of getij zodat een verschijnsel leesbaar wordt.
Later verschuift Jacobs aandacht. Niet iedere waarneming hoeft nog in een mechaniek, grafiek of voorspelling te eindigen. In zijn eigen woorden gaat het meer om relativeren, afstand nemen en leren beschouwen.
Daarvoor gebruikt hij tegenwoordig penselen, doek en veel kleuren. De afdeling Schilderen & tekenen laat die latere kant van zijn werk zien.
Publicaties & onderzoek
Bij de introductie van de Astrowatch verscheen bij Ankh-Hermes een gelijknamig boek, tevens handleiding. Prof. W.H.C. Tenhaeff schreef het voorwoord.
In de jaren tachtig onderzocht Jacob mogelijke relaties tussen planeetposities en temperatuurreeksen. Zijn eigen biografische archief vermeldt een periode als gastonderzoeker aan de Landbouwuniversiteit Wageningen en publicaties die uit dit onderzoek voortkwamen.
Later werkte hij specifieke onderzoekslijnen verder uit, waaronder studies rond Mars en Venus. Deze site presenteert de conclusies als Jacobs onderzoeksresultaten, niet als algemeen aanvaarde meteorologische causaliteit.
Pers / interviews
Jacobs ideeën riepen geregeld nieuwsgierigheid en discussie op. Vooral zijn weeronderzoek, Astrowatch en getijdenuurwerken brachten hem in contact met pers, radio en televisie.
Zijn historische pagina’s beschrijven onder meer aandacht in kranten en omroepen, een televisieoptreden bij AVRO-presentator Karel van de Graaf en interviews rond de Getijklok.
Bekende ontmoetingen worden op deze site alleen genoemd wanneer ze bij het levensverhaal horen; ze krijgen bewust geen groter gewicht dan hun inhoudelijke betekenis.
Nagenoeg
In zijn tekst Nagenoeg kijkt Jacob terug op vier uitvindingen. Hij verbindt ze speels met vuur, aarde, lucht en water: De Weerwijzer bij de lucht, de Getijklok bij het water, de Astrowatch bij het geestesvuur en de regenmeter bij aarde en waterbesparing.
Het woord Nagenoeg laat bewust een kier open. Zolang er leven is, schrijft Jacob, is het allemaal “nagenoeg” en misschien toch nog niet helemaal.
Zijn tekst eindigt niet bij een uitvinding, maar bij het leven met Maria, midden in de natuur en de Brabantse ruimte. Daarmee is Nagenoeg minder een afscheid dan een rustige plaatsbepaling.
Samengevoegd uit diverse (biografische) pagina’s en Jacobs oorspronkelijke biografieën. De historische bronnen blijven in het archief beschikbaar.